ECLI:NL:RBUTR:2011:BT2877
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit bouwvergunning wegens strijd met Awb en oplegging dwangsom
Eiseres maakte bezwaar tegen een bouwvergunning die door verweerder, het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Utrechtse Heuvelrug, was verleend voor het gedeeltelijk veranderen van een winkelpand. Na gegrondverklaring van het bezwaar door verweerder, stelde eiseres beroep in bij de rechtbank Utrecht.
De rechtbank behandelde de zaak ter zitting en deed op 11 juli 2011 een mondelinge tussenuitspraak waarin verweerder werd opgedragen het geconstateerde gebrek in het besluit te herstellen binnen een gestelde termijn. Verweerder heeft deze termijn ongebruikt laten verstrijken en ook niet gereageerd op verzoeken om informatie over de stand van zaken.
De rechtbank oordeelde dat het bestreden besluit niet voldeed aan artikel 7:11 van Pro de Algemene wet bestuursrecht, omdat het slechts een besluit in het vooruitzicht stelde in plaats van een definitief besluit. Gezien het niet herstellen van het gebrek en het uitblijven van communicatie, verklaarde de rechtbank het beroep gegrond, vernietigde het besluit, en droeg verweerder op binnen vier weken een nieuw besluit te nemen.
Daarnaast legde de rechtbank een dwangsom op van €250 per dag met een maximum van €10.000 om naleving van de uitspraak af te dwingen. Verweerder werd tevens veroordeeld in de proceskosten van eiseres en moest het betaalde griffierecht vergoeden.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard, het besluit vernietigd en verweerder opgelegd binnen vier weken een nieuw besluit te nemen met oplegging van een dwangsom bij overschrijding.