ECLI:NL:RBUTR:2011:BU3431
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Wedertewerkstelling en loondoorbetaling na 65-jarige leeftijd ondanks pensioenontslagbeding
Een werknemer die op 1 september 2011 de pensioengerechtigde leeftijd van 65 jaar bereikte, werd door zijn werkgever niet meer tot het werk toegelaten. De werkgever beriep zich op een pensioenontslagbeding in het arbeidsvoorwaardenreglement en CAO-bepalingen die het dienstverband van rechtswege zouden beëindigen bij het bereiken van die leeftijd.
De werknemer vorderde in kort geding wedertewerkstelling en loondoorbetaling. De rechtbank oordeelde dat de arbeidsovereenkomst niet van rechtswege was geëindigd omdat partijen niet waren overeengekomen dat het dienstverband automatisch eindigt bij het bereiken van de pensioengerechtigde leeftijd. Het beroep van de werkgever op jurisprudentie van de Hoge Raad faalde, evenals het beroep op het gebruik binnen de onderneming.
De rechtbank stelde dat het arbeidsvoorwaardenreglement niet zonder instemming van de werknemer van toepassing kon zijn verklaard. Ook het feit dat de werknemer gebruik had gemaakt van faciliteiten uit het reglement impliceerde geen instemming met het pensioenontslagbeding.
De vordering tot wedertewerkstelling en loondoorbetaling werd toegewezen, met een dwangsom voor het geval de werkgever niet zou voldoen. De werkgever werd tevens veroordeeld in de proceskosten. De vakantiebijslag werd afgewezen omdat deze pas later opeisbaar werd geacht.
Uitkomst: De arbeidsovereenkomst eindigde niet van rechtswege bij 65 jaar; werknemer wordt toegelaten tot werk en krijgt loon doorbetaald.