ECLI:NL:RBUTR:2011:BU8567
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- R.P. den Otter
- J.M. Bruins
- M.S. Koppert
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor medeplegen valsheid in geschrift met vrijspraak voor belastingfraude
De rechtbank Utrecht heeft op 19 december 2011 uitspraak gedaan in een strafzaak tegen verdachte die werd verdacht van medeplegen van valsheid in geschrift en het geven van opdracht of feitelijke leiding aan het opzettelijk onjuist doen of nalaten van aangiften omzetbelasting door twee besloten vennootschappen.
De rechtbank oordeelde dat verdachte slechts bewezen kon worden dat zij samen met anderen valsheid in geschrift heeft gepleegd door het mede opmaken van twee valse overeenkomsten waarin onjuiste feiten over feitelijke leiding en administratie werden vermeld. Verdachte werd vrijgesproken van de tenlasteleggingen met betrekking tot het geven van opdracht of feitelijke leiding aan de belastingfraude bij de betrokken BV's, omdat onvoldoende bewijs was dat zij hiervan op de hoogte was of maatregelen had kunnen nemen.
De rechtbank hield rekening met het ontbreken van eerdere soortgelijke veroordelingen en een reclasseringsrapport dat een laag tot matig recidiverisico inschatte. De officier van justitie had een gevangenisstraf van 12 maanden waarvan 2 voorwaardelijk gevorderd, maar de rechtbank legde een werkstraf van 100 uur op, met een vervangende hechtenis van 50 dagen bij niet-naleving. De tijd in voorarrest werd in mindering gebracht.
De zaak werd inhoudelijk behandeld in november 2011, waarbij de verdediging onder meer stelde dat verdachte niet bewust was van de valsheid van de overeenkomsten en geen feitelijke leiding had. De rechtbank volgde dit standpunt deels en sprak verdachte vrij van de belastingfraude, maar veroordeelde haar voor medeplegen van valsheid in geschrift.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot een werkstraf van 100 uur voor medeplegen van valsheid in geschrift en vrijgesproken van belastingfraude.