ECLI:NL:RBUTR:2011:BU8576
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- R.P. den Otter
- J.M. Bruins
- M.S. Koppert
- Rechtspraak.nl
Veroordeling medeplegen valsheid in geschrift met verval van feitelijke leiding
De rechtbank Utrecht heeft verdachte schuldig bevonden aan medeplegen van valsheid in geschrift met betrekking tot een onderhandse overeenkomst waarin valselijk werd verklaard dat verdachte feitelijk leiding had over een bedrijf vanaf 2 juli 2007.
Uit het bewijs, waaronder de ondertekende overeenkomst en verklaringen van medeverdachten, bleek dat verdachte niet de feitelijke leidinggever was, maar dat deze rol door een ander werd vervuld. Verdachte had de overeenkomst mede opgesteld en ondertekend met het oogmerk deze als echt te gebruiken.
De rechtbank sprak verdachte vrij van het onderdeel dat hij de beschikking had over de volledige administratie, omdat dit niet bewezen kon worden. De strafbaarheid van het feit werd bevestigd en verdachte werd veroordeeld tot een werkstraf van 120 uur, waarbij rekening werd gehouden met zijn eerdere veroordelingen en de ernst van het feit.
De officier van justitie was ontvankelijk in de vervolging, ondanks eerdere vervolgingen van verdachte in een andere arrondissement voor een ander feitencomplex. De rechtbank vond geen schending van de beginselen van een behoorlijke procesorde.
De werkstraf is opgelegd met een vervangende hechtenis van 60 dagen bij niet-nakoming.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot een werkstraf van 120 uur voor medeplegen van valsheid in geschrift.