ECLI:NL:RBUTR:2011:BU8607
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- R.P. den Otter
- J.M. Bruins
- M.S. Koppert
- Rechtspraak.nl
Veroordeling wegens medeplegen van valsheid in geschrift met vrijspraak voor belastingaangifteverzuim
De rechtbank Utrecht behandelde de zaak tegen verdachte die werd beschuldigd van het niet doen en onjuist doen van aangiften omzetbelasting door een BV, en medeplegen van valsheid in geschrift. De rechtbank stelde vast dat verdachte niet feitelijk leiding gaf aan de BV en vrijsprak hem van de eerste twee feiten wegens onvoldoende bewijs.
Wel werd bewezen verklaard dat verdachte samen met anderen een valse overeenkomst opstelde en ondertekende waarin werd verklaard dat anderen de feitelijke leiding hadden en de administratie beheerden, terwijl dit niet waar was. Dit werd gezien als misbruik van vertrouwen in schriftelijke bewijsstukken.
De rechtbank hield rekening met het ontbreken van eerdere veroordelingen van verdachte en de lagere straf die aan medeverdachten was opgelegd. Gezien de ernst van het feit werd een werkstraf van 60 uur opgelegd, met een vervangende hechtenis van 30 dagen bij niet-naleving. De tijd in voorarrest werd in mindering gebracht.
De zaak werd inhoudelijk behandeld in meerdere zittingen in november 2011, waarbij de verdediging betoogde dat verdachte niet wist van de onjuiste aangiften en niet betrokken was bij de valsheid. De rechtbank oordeelde dat verdachte wel mede verantwoordelijk was voor het opmaken van de valse akte, maar niet voor de belastingaangifteverzuimen.
De strafvordering van de officier van justitie tot 200 uur werkstraf en 2 maanden voorwaardelijke gevangenisstraf werd door de rechtbank gematigd tot een werkstraf van 60 uur.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot een werkstraf van 60 uur voor medeplegen van valsheid in geschrift, vrijgesproken van belastingaangifteverzuim.