ECLI:NL:RBUTR:2011:BV2681
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.R. Krol
- M.A.E. Somsen
- P.L.C.M. Ficq
- Rechtspraak.nl
Veroordeling wegens handel en bezit van cocaïne met deels voorwaardelijke gevangenisstraf
De rechtbank Utrecht heeft verdachte veroordeeld voor het opzettelijk handelen in strijd met de Opiumwet door handel in en bezit van cocaïne. Uit getuigenverklaringen, politieobservaties en NFI-rapporten bleek overtuigend dat verdachte gedurende de periode van 20 mei tot en met 17 september 2011 cocaïne verkocht en in bezit had.
Getuigen verklaarden meerdere transacties met verdachte, die vaak op een scooter reed en contact hield via sms-berichten. Politieagenten observeerden verdachte bij transacties en namen cocaïne in beslag, evenals geld en telefoons die vermoedelijk voor de handel werden gebruikt. Verdachte ontkende de handel, stelde dat hij cocaïne om niet verstrekte, maar dit werd door de rechtbank niet geloofd.
De rechtbank hield rekening met de ernst van de feiten, de jeugdige leeftijd van verdachte en zijn eerdere onbestrafte verleden. Gezien het gevaar voor volksgezondheid en het risico op herhaling werd een gevangenisstraf van 8 maanden opgelegd, waarvan 3 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar. Het voorarrest wordt in mindering gebracht op het onvoorwaardelijke deel van de straf. Daarnaast werden goederen die bij de handel werden gebruikt verbeurd verklaard.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot 8 maanden gevangenisstraf, waarvan 3 maanden voorwaardelijk.