ECLI:NL:RBUTR:2011:BV2692
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- M.J. Veldhuijzen
- J.R. Krol
- P.L.C.M. Ficq
- Rechtspraak.nl
Ontneming wederrechtelijk verkregen voordeel bij schuldwitwassen
De rechtbank Utrecht behandelde op 30 juni 2011 een ontnemingszaak tegen verdachte, die eerder veroordeeld was voor schuldwitwassen. De officier van justitie vorderde ontneming van het wederrechtelijk verkregen voordeel, gebaseerd op een kas- en bankopstelling over de periode van mei 2007 tot mei 2010.
Tijdens de zitting werd verdachte gehoord en geconfronteerd met de kas/bankopstelling, waarin onverklaarbare uitgaven werden vastgesteld. Verdachte erkende de uitgaven, maar kon geen concrete, verifieerbare verklaring geven voor het tekort van €26.533,50.
De rechtbank oordeelde dat het wederrechtelijk verkregen voordeel kan worden vastgesteld op €26.533,50 en legde verdachte de verplichting op dit bedrag aan de staat te betalen. De berekening is ook gebaseerd op de langere periode dan de bewezenverklaarde feiten, conform artikel 36e lid 2 van het Wetboek van Strafrecht.
Uitkomst: Verdachte is verplicht tot betaling van €26.533,50 ter ontneming van het wederrechtelijk verkregen voordeel.