ECLI:NL:RBUTR:2011:BV5459
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.R. Krol
- E.A. Messer
- P.L.C.M. Ficq
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor bezit van 98,37 gram hasj met vrijspraak overige drugszaken
De rechtbank Utrecht heeft op 7 november 2011 uitspraak gedaan in de zaak tegen verdachte, die werd verdacht van meerdere feiten met betrekking tot handel in en bezit van verdovende middelen.
Het onderzoek betrof onder meer het aftappen van telefoongesprekken en doorzoekingen op adressen waarbij verschillende drugs en druggerelateerde voorwerpen werden aangetroffen. Verdachte werd vrijgesproken van de handel in harddrugs, deelname aan een criminele organisatie, en andere drugszaken wegens gebrek aan bewijs.
Wel werd bewezen verklaard dat verdachte op 9 december 2010 in zijn woning aanwezig had een hoeveelheid van 98,37 gram hasj. De rechtbank achtte wettig en overtuigend bewezen dat verdachte hiervan op de hoogte was en veroordeelde hem tot een gevangenisstraf van twee weken, met aftrek van voorarrest. De overige ten laste gelegde feiten werden vrijgesproken.
De rechtbank hield rekening met het feit dat verdachte niet eerder voor soortgelijke feiten was veroordeeld en dat softdrugs verslavend zijn met mogelijke maatschappelijke en gezondheidsgevolgen. Tevens werd beslag gelegd op bepaalde inbeslaggenomen goederen, waarvan de teruggave aan verdachte werd gelast.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot twee weken gevangenisstraf voor bezit van 98,37 gram hasj, vrijgesproken van overige feiten.