ECLI:NL:RBUTR:2011:BV6430
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor bedreiging met zware mishandeling ondanks verminderde toerekeningsvatbaarheid
De rechtbank Utrecht heeft op 24 november 2011 uitspraak gedaan in de zaak tegen verdachte, die werd beschuldigd van poging tot zwaar lichamelijk letsel en bedreiging met een mes, alsmede woordelijke bedreiging van zijn buurman. De rechtbank sprak verdachte vrij van poging tot zwaar lichamelijk letsel wegens onvoldoende overtuigend bewijs, maar verklaarde de subsidiaire bedreiging met een mes en de woordelijke bedreiging wettig en overtuigend bewezen.
Uit deskundigenrapporten bleek dat verdachte leed aan zwakbegaafdheid, een depressieve stoornis met psychotische trekken en amfetamineafhankelijkheid, wat leidde tot een sterk verminderde toerekeningsvatbaarheid. Desondanks oordeelde de rechtbank dat verdachte opzet had en strafbaar was, omdat hij inzicht had in zijn handelen.
De verdediging voerde onder meer een beroep op Salduz, psychische overmacht, noodweer en noodweerexces, die alle werden verworpen. De rechtbank achtte geen sprake van noodweersituatie en vond dat verdachte redelijkerwijs anders had kunnen handelen.
De rechtbank legde een gevangenisstraf van 123 dagen op, waarvan 100 dagen voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar, inclusief verplicht reclasseringscontact en klinische behandeling. De straf houdt rekening met de ernst van de feiten en de persoonlijke omstandigheden van verdachte.
De voorlopige hechtenis werd opgeheven met ingang van het moment dat het vonnis onherroepelijk wordt.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot 123 dagen gevangenisstraf, waarvan 100 dagen voorwaardelijk met behandeling en begeleiding.