ECLI:NL:RBUTR:2011:BV7825
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- P.W.G. de Beer
- Z.J. Oosting
- E.A. Messer
- Rechtspraak.nl
Bezwaarschrift gegrond verklaard wegens volledig verrichte werkstraf
De rechtbank Utrecht behandelde een bezwaarschrift van de veroordeelde tegen de kennisgeving van de officier van justitie tot tenuitvoerlegging van vervangende hechtenis wegens het niet volledig verrichten van een opgelegde werkstraf. De oorspronkelijke straf bestond uit een taakstraf van 80 uur, subsidiair 40 dagen vervangende hechtenis.
Uit een terugmelding van de reclassering bleek aanvankelijk dat de veroordeelde de werkstraf niet volledig had uitgevoerd; er stonden nog 13 uren open. Tijdens de terechtzitting op 10 mei 2011 werd vastgesteld dat de veroordeelde het resterende deel van de werkstraf alsnog naar behoren had verricht, zoals bevestigd in het afloopbericht van de reclassering van 28 februari 2011.
Gezien het feit dat de werkstraf volledig is uitgevoerd, verklaarde de rechtbank het bezwaarschrift gegrond en werd de kennisgeving tot tenuitvoerlegging van de vervangende hechtenis ingetrokken. De beslissing werd genomen op grond van artikel 22g van het Wetboek van Strafrecht.
Uitkomst: Het bezwaarschrift wordt gegrond verklaard omdat de werkstraf alsnog volledig is verricht, waardoor de vervangende hechtenis niet wordt uitgevoerd.