Uitspraak
vonnis
RECHTBANK UTRECHT
[gedaagde] BV,gevestigd te [vestigingsplaats] , verder ook te noemen [gedaagde] , gedaagde partij,
Rechtbank Utrecht
De Stichting tot behoud van historische gebouwen had met [gedaagde] BV een huurovereenkomst gesloten voor kantoorruimte, welke zij per 6 januari 2009 voorwaardelijk opzegde met een betalingstermijn tot 16 januari 2009. De Stichting vorderde betaling van huurtermijnen tot 1 november 2009 en overige schade wegens achterstallige huur. [gedaagde] stelde dat de huurovereenkomst reeds per 16 januari 2009 was beëindigd en dat er geen huur meer verschuldigd was.
De kantonrechter stelde vast dat de voorwaarde van betaling niet was vervuld en dat de opzegging niet was ingetrokken, ondanks de stelling van de Stichting. Betalingen door [gedaagde] en de borgsom leidden tot het oordeel dat er sinds 16 januari 2009 geen huur meer verschuldigd was. De vordering van de Stichting werd daarom afgewezen en zij werd veroordeeld tot betaling van de proceskosten.
In reconventie vorderde [gedaagde] vergoeding voor verloren gegane inventaris, maar deze vordering werd buiten behandeling gelaten wegens het niet voldoen aan de gestelde voorwaarden. De proceskosten in reconventie werden gecompenseerd. Het vonnis werd uitgesproken door kantonrechter J.J.M. de Laat op 4 januari 2012.
Uitkomst: De vordering van de Stichting tot betaling van huurachterstand wordt afgewezen en de reconventionele vordering wordt buiten behandeling gelaten.