ECLI:NL:RBUTR:2012:BV1097
Rechtbank Utrecht
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Beoordeling omgevingsvergunning voor kap van achttien bomen in verband met verkeersveilige ontsluiting
Verzoekster maakte bezwaar tegen het besluit van de gemeente Amersfoort om een omgevingsvergunning te verlenen voor het kappen van dertien eiken en vijf beuken aan de Heiligenbergerweg. De vergunning werd verleend met het oog op de aanleg van een verkeersveilige ontsluiting van de wijk Randenbroek Zuid.
De voorzieningenrechter oordeelde dat de opsomming van weigeringsgronden in de Algemene Plaatselijke Verordening (APV) limitatief is en dat de vergunning slechts geweigerd kan worden indien één of meer van deze gronden zich voordoen. Verweerder had erkend dat de bomen een beeldbepalende, landschappelijke en cultuurhistorische waarde hebben, maar stelde dat de verkeersveiligheid zwaarder woog.
Verder werd geoordeeld dat het ecologisch onderzoek adequaat was uitgevoerd en dat de kap niet in strijd was met de Flora- en faunawet, mede door opgenomen voorwaarden in de vergunning. De herplantplicht was passend en de keuze voor beuken in plaats van eiken was gemotiveerd. Het beroep werd ongegrond verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen.
Uitkomst: Het beroep tegen de omgevingsvergunning voor het kappen van achttien bomen wordt ongegrond verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen.