ECLI:NL:RBUTR:2012:BV1765
Rechtbank Utrecht
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering wegens onvoldoende bewijs onrechtmatige uitlatingen over omkoping bij Ajax
Eiser stelde dat gedaagde tijdens een supportersbijeenkomst en ledenraadvergadering onrechtmatige uitlatingen had gedaan waarin eiser werd beschuldigd van betrokkenheid bij omkoppraktijken in de Slowaakse voetbalcompetitie en het aanbieden van steekpenningen. Eiser vorderde onder meer een verbod op dergelijke uitlatingen en rectificatie.
De rechtbank onderzocht verklaringen van aanwezigen, notulen en e-mails. Gedaagde betwistte de beschuldigingen en stelde dat hij slechts melding had gemaakt van geruchten zonder deze te bevestigen, en dat hij geen verband had gelegd tussen eiser en omkoping. De rechtbank oordeelde dat eiser onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat gedaagde de beschuldigingen daadwerkelijk had geuit.
Gezien het beperkte kader van kort geding en de bewijslast rustend op eiser, werd de vordering afgewezen. De rechtbank veroordeelde eiser in de proceskosten en gaf geen inhoudelijk oordeel over de onrechtmatigheid van de uitlatingen.
Uitkomst: Vorderingen van eiser worden afgewezen wegens onvoldoende bewijs dat gedaagde onrechtmatige uitlatingen heeft gedaan.