ECLI:NL:RBUTR:2012:BV6622
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek schuldsanering wegens onverantwoorde zakelijke risico's
Verzoekers, beiden privé aansprakelijk voor zakelijke kredieten, vroegen toepassing van de schuldsaneringsregeling aan. Zij waren aandeelhouder en bestuurder van vennootschappen die failliet gingen, waarbij feitelijke leiding lag bij een derde, de heer B, die eerder failliet was gegaan.
De schulden betroffen onder meer kredieten bij Solveon/Deutsche Bank en Interbank, gebruikt voor het afwenden van een faillissement, aanschaf van een auto en oprichting van een vennootschap. Verzoekers erkenden dat zij de vennootschappen onder aansturing van de heer B hadden opgericht, die de feitelijke leiding voerde.
De rechtbank overwoog dat schulden die zijn ontstaan door het nemen van onaanvaardbaar grote risico's niet te goeder trouw zijn. Gezien het eerdere faillissement van de heer B en de grote onbetaalde schuld, hadden verzoekers moeten beseffen dat het aangaan van nieuwe zakelijke kredieten onverantwoord was.
Daarom oordeelde de rechtbank dat verzoekers niet te goeder trouw waren en wees het verzoek tot schuldsanering af. Er waren geen bijzondere omstandigheden die tot een andere beslissing leidden.
Uitkomst: Verzoek tot toepassing van de schuldsaneringsregeling wordt afgewezen wegens onverantwoorde zakelijke risico's en gebrek aan goede trouw.