ECLI:NL:RBUTR:2012:BW0837
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Onrechtmatige beslaglegging op voertuig en afgiftebevel aan houder
De zaak betreft een geschil tussen [eiser], houder van een Audi A4, en Alcredis Finance B.V., die een pandrecht heeft op de bedrijfsvoorraad van vennootschappen verbonden aan [eiser]. Alcredis legde op grond van een executoriale titel beslag op het voertuig van [eiser]. [eiser] vorderde in kort geding afgifte van het voertuig, een dwangsom bij niet-naleving en een voorschot op schadevergoeding wegens onrechtmatig beslag.
De voorzieningenrechter stelde vast dat [eiser] ten tijde van het beslag als houder van het voertuig werd beschouwd en dat Alcredis het beslag op grond van artikel 499 Rv Pro had gelegd, een procedure die alleen openstaat indien de derde geen bezwaar maakt tegen afgifte. Omdat Alcredis niet had aangetoond dat [eiser] geen bezwaar had gemaakt, en bovendien vaststond dat [eiser] het voertuig op geldige titel (bruikleen) onder zich hield, was het beslag onrechtmatig.
De rechtbank oordeelde dat Alcredis de juiste procedure (artikel 500 Rv Pro) had moeten volgen, waarbij de derde-houder de mogelijkheid krijgt zijn rechten te verklaren. De vordering tot afgifte van het voertuig werd toegewezen, de gevorderde dwangsom beperkt en het verzoek om voorschot op schadevergoeding afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing en spoedeisend belang. De proceskosten werden aan Alcredis opgelegd.
Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad verklaard, met een dwangsom van maximaal €16.000 bij niet-naleving binnen twee dagen na betekening.
Uitkomst: Het beslag op het voertuig is onrechtmatig en Alcredis wordt veroordeeld tot afgifte van de Audi A4 aan [eiser] binnen twee dagen onder verbeurte van een dwangsom.