ECLI:NL:RBUTR:2012:BW5849
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Veroordeling wegens niet naleven leerplicht ondanks beroep op vrijstelling
De rechtbank Utrecht behandelde een leerplichtzaak waarin verdachte zich had beroepen op een vrijstelling op grond van artikel 5 aanhef Pro en onder b van de Leerplichtwet 1969. Verdachte had haar kinderen niet ingeschreven op een school in de periode van 30 augustus 2011 tot en met 27 oktober 2011. Zij stelde dat haar holistische levensovertuiging en pedagogische opvattingen een vrijstelling rechtvaardigden.
De kantonrechter oordeelde dat de bezwaren van verdachte niet betrekking hadden op de richting van het onderwijs, maar op de organisatie en pedagogiek van het onderwijs, wat niet onder de vrijstellingsgrond valt. Ook financiële bezwaren ten aanzien van de enige passende school werden niet als grond voor vrijstelling erkend.
Het bewijs bestond uit het proces-verbaal van de leerplichtambtenaar, waarvan alleen de constatering dat de kinderen niet ingeschreven waren als bewijs werd gebruikt. De kantonrechter achtte de verdachte strafbaar en veroordeelde haar tot twee werkstraffen van elk 10 uur, met vervangende hechtenis van vijf dagen per werkstraf bij niet-nakoming.
De rechtbank benadrukte het belang van het recht op onderwijs en vond een werkstraf passend gezien de financiële situatie van verdachte. Een voorwaardelijke straf werd niet passend geacht omdat gedragsverandering niet werd ondersteund door een voorwaardelijke sanctie.
Uitkomst: Verdachte wordt veroordeeld tot twee werkstraffen van 10 uur wegens niet naleven van de leerplicht.