ECLI:NL:RBUTR:2012:BW6295
Rechtbank Utrecht
- Wraking
- Rechtspraak.nl
Afwijzing wrakingsverzoek rechter bestuursrechtelijke zaak Centrum Indicatiestelling Zorg
Verzoekster heeft een wrakingsverzoek ingediend tegen mr. [X], de rechter die haar bestuursrechtelijke zaak tegen Centrum Indicatiestelling Zorg behandelde. Het verzoek was gebaseerd op het niet verlenen van uitstel voor de zitting van 6 april 2012, terwijl verzoekster meende dat zij onvoldoende gelegenheid had om zich voor te bereiden.
De rechtbank overwoog dat wraking alleen kan worden toegewezen indien er objectieve feiten of omstandigheden zijn die een gegronde vrees voor vooringenomenheid van de rechter rechtvaardigen. Een procesbeslissing zoals het afwijzen van een verzoek om uitstel is op zichzelf geen grond voor wraking, tenzij deze beslissing onbegrijpelijk is en een zwaarwegende aanwijzing vormt voor vooringenomenheid.
De rechtbank stelde vast dat de zittingsdatum in overleg met partijen was vastgesteld en dat de oproepingstermijn volgens de procesregeling bestuursrecht kon worden verkort. Verzoekster had geen uitzonderlijke omstandigheden aangevoerd die het uitstelverzoek rechtvaardigden. Bovendien bood de rechter de mogelijkheid om tijdens de zitting het verzoek tot het horen van getuigen en het inbrengen van stukken te bespreken, wat alsnog tot aanhouding had kunnen leiden.
Daarom concludeerde de rechtbank dat geen sprake was van onpartijdigheid of vooringenomenheid en wees het wrakingsverzoek af. De beslissing werd openbaar uitgesproken op 22 mei 2012 door de wrakingskamer van de rechtbank Utrecht.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen de rechter wordt afgewezen wegens gebrek aan objectieve aanwijzingen voor vooringenomenheid.