ECLI:NL:RBUTR:2012:BW6685
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Boete bij niet tijdig inroepen financieringsvoorbehoud bij koop woning
Partijen sloten op 7 januari 2011 een koopovereenkomst voor een woonhuis, met een ontbindende voorwaarde dat koper uiterlijk op 18 februari 2011 een hypotheektoezegging moest verkrijgen en tijdig schriftelijk moest verklaren bij de notaris indien dit niet lukte, onder overlegging van twee afwijzende verklaringen.
Koper heeft niet tijdig twee afwijzingen overgelegd en stelde zich op het standpunt dat de termijn was verlengd tot 25 februari 2011, mede op basis van communicatie van de notaris. Verkoper stelde echter dat hij nooit akkoord was gegaan met verlenging van de termijn en dat de notaris zonder zijn toestemming had gehandeld.
De rechtbank oordeelt dat koper zich niet mocht beroepen op de brief van de notaris omdat deze geen volmacht had om de termijn te verlengen namens verkoper. Verkoper had duidelijk laten weten geen verlenging te willen. Daarom is de ontbindingstermijn niet verlengd en is koper in verzuim.
Op grond van de koopovereenkomst is koper een boete van 10% van de koopsom verschuldigd, maar de rechtbank matigt deze boete tot 5% vanwege een aanbod van verkoper dat koper tot 25 maart 2011 slechts een boete van 5% zou betalen indien geen hypotheek werd gevonden.
Koper wordt veroordeeld tot betaling van € 15.500, vermeerderd met wettelijke rente vanaf 4 april 2011, alsmede in de proceskosten.
Uitkomst: Koper is veroordeeld tot betaling van een gematigde boete van 5% van de koopsom wegens niet tijdig inroepen van het financieringsvoorbehoud.