ECLI:NL:RBUTR:2012:BW9414
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak voor aanwezigheid cocaïne en witwassen wegens onvoldoende bewijs
De rechtbank Utrecht behandelde de zaak tegen verdachte die werd verdacht van het bezit van 93,38 gram cocaïne en het witwassen van ongeveer 6.000 euro op 24 augustus 2011 te Utrecht.
Tijdens de terechtzittingen op 2 december 2011, 16 maart 2012 en 7 juni 2012 zijn de standpunten van de officier van justitie en de verdediging gehoord. De officier van justitie vorderde vrijspraak wegens onvoldoende bewijs, terwijl de verdediging benadrukte dat verdachte niet op de hoogte was van de cocaïne en dat het geld niet afkomstig was uit een misdrijf.
De rechtbank oordeelde dat niet wettig en overtuigend bewezen kon worden dat verdachte de ten laste gelegde feiten had begaan. De medeverdachte verklaarde dat hij de cocaïne alleen had gekocht en in zijn eigen tas had gestopt, zonder medeweten van verdachte. Ook was er geen bewijs dat het geldbedrag afkomstig was uit criminele activiteiten. De rechtbank gelastte de teruggave van het geld en de auto aan verdachte en medeverdachte respectievelijk.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken van bezit van cocaïne en witwassen wegens onvoldoende bewijs.