ECLI:NL:RBUTR:2012:BX6562
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Tenuitvoerlegging voorwaardelijke jeugddetentie na doorknippen enkelband
De rechtbank Utrecht behandelde de vordering van de officier van justitie tot tenuitvoerlegging van een voorwaardelijke jeugddetentie van 46 dagen die was opgelegd bij vonnis van 1 mei 2012. De veroordeelde had zich niet gehouden aan de bijzondere voorwaarde van elektronisch toezicht door op 23 mei 2012 zijn enkelband door te knippen.
Tijdens de zitting verklaarde de veroordeelde op de hoogte te zijn van de voorwaardelijke straf, maar bewust de enkelband te hebben verwijderd en geen begeleiding meer te willen. De officier van justitie vorderde daarom de tenuitvoerlegging van de gehele voorwaardelijke straf. De raadsman voerde aan dat de vordering niet ontvankelijk zou moeten worden verklaard vanwege toepasselijkheid van nieuwere wetgeving en het ontbreken van overgangsrecht, maar de rechtbank oordeelde dat deze rechtsvraag aan het hoger beroep toekomt.
De rechtbank stelde vast dat de voorwaarden van het vonnis duidelijk waren en dat de veroordeelde zich niet aan het elektronisch toezicht had gehouden. De vordering tot tenuitvoerlegging werd daarom toegewezen. De vrijheidsbeneming van 46 dagen wordt geheel in mindering gebracht op de tenuitvoerlegging van de straf. De beslissing werd gegeven door drie rechters en uitgesproken op 14 augustus 2012.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vordering tot tenuitvoerlegging van de voorwaardelijke jeugddetentie van 46 dagen toe na doorknippen van de enkelband.