ECLI:NL:RBUTR:2012:BX6879
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Veroordeling poging afpersing en feitelijke aanranding met sterk verminderd toerekeningsvatbaarheid
De rechtbank Utrecht heeft op 6 september 2012 uitspraak gedaan in de zaak tegen verdachte, die werd beschuldigd van twee pogingen tot afpersing en een feitelijke aanranding van de eerbaarheid. De feiten vonden plaats in november en oktober 2011 in Utrecht, waarbij verdachte onder dreiging met een wapen geld en een sigaret probeerde af te persen van slachtoffers bij een bioscoop. Daarnaast kneep hij een medewerker in diens borst.
De rechtbank achtte de feiten wettig en overtuigend bewezen op basis van verklaringen van slachtoffers, getuigenverklaringen, camerabeelden en de bekennende verklaring van verdachte. De verdediging voerde aan dat verdachte niet strafbaar was, mede vanwege de psychische gesteldheid, maar dit werd niet volledig gevolgd.
Uit medische rapporten en een reclasseringsadvies bleek dat verdachte leed aan een ernstige psychiatrische stoornis (paranoïde schizofrenie) en een persoonlijkheidsstoornis, met een geschiedenis van medicatieontrouw en psychotische episodes. De rechtbank concludeerde dat verdachte sterk verminderd toerekeningsvatbaar was ten tijde van de feiten, maar wel strafbaar.
Gezien de ernst van de feiten, de persoonlijke omstandigheden en de reeds door verdachte doorgebrachte tijd in voorarrest, legde de rechtbank een gevangenisstraf van 119 dagen op, waarbij de voorarresttijd in mindering werd gebracht. Het bevel tot voorlopige hechtenis werd opgeheven.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot 119 dagen gevangenisstraf wegens twee pogingen tot afpersing en een feitelijke aanranding, met erkenning van sterk verminderde toerekeningsvatbaarheid.