ECLI:NL:RBUTR:2012:BX8812
Rechtbank Utrecht
- Wraking
- L.C. Verschoor-Bergsma
- M.C. Oostendorp
- J. Sap
- Rechtspraak.nl
Toewijzing wrakingsverzoek wegens schijn van rechterlijke partijdigheid bij afwijzing aanhoudingsverzoek
Op 28 augustus 2012 vond een zitting plaats bij de politierechter te Utrecht in strafzaken tegen vier verdachten. Drie van hen verschenen zonder raadsman en hadden vooraf geen inzage in hun dossiers. Tijdens de zitting werd een verzoek gedaan om getuigen te horen over het binnentreden in een woning, en een aanhoudingsverzoek om overleg met de raadsman bij afwijzing van dat verzoek. De politierechter besloot het verzoek tot aanhouding af te wijzen en sloot vervolgens het onderzoek en sprak mondeling vonnis uit.
Na afwijzing van het aanhoudingsverzoek verzocht de raadsman namens zijn cliënten de rechter te wraken wegens vermeende rechterlijke vooringenomenheid en het ontbreken van onpartijdigheid. De wrakingskamer oordeelde dat het wrakingsverzoek tijdig was ingediend en dat de rechter vermoedelijk onpartijdig is, tenzij objectief vaststaande feiten het tegendeel aantonen.
De kamer concludeerde dat de afwijzing van het aanhoudingsverzoek een procesbeslissing is die op zich geen grond voor wraking vormt, tenzij deze zo onbegrijpelijk is dat zij wijst op vooringenomenheid. Voor één verdachte werd het wrakingsverzoek afgewezen omdat hij zich redelijkerwijs vooraf had kunnen voorbereiden. Voor de andere drie verdachten, die pas tijdens de zitting raadsbijstand kregen en onvoldoende gelegenheid hadden om met hun raadsman te overleggen, was het onbegrijpelijk dat de rechter het aanhoudingsverzoek afwees. Hierdoor werd de schijn van partijdigheid gewekt en werd het wrakingsverzoek voor hen toegewezen.
Uitkomst: Wrakingsverzoek toegewezen voor drie verdachten wegens schijn van partijdigheid, afgewezen voor één verdachte.