ECLI:NL:RBUTR:2012:BX9153
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Bevel tot ontslag uit gijzeling getuige op grond van absoluut verschoningsrecht
Op 2 oktober 2012 werd een moeder als getuige gegijzeld in een strafzaak tegen haar zoon en medeverdachten. De rechter-commissaris had dit bevolen omdat zij dit dringend noodzakelijk achtte voor het onderzoek. De getuige beriep zich uitdrukkelijk op haar absoluut verschoningsrecht op grond van artikel 217 Wetboek Pro van Strafvordering, omdat zij moeder is van een verdachte in de zaak.
De rechtbank Utrecht heeft op 3 oktober 2012 de getuige gehoord in aanwezigheid van haar advocaat en de officier van justitie. Zowel de advocaat als de officier van justitie hebben pleitaantekeningen ingediend. De rechtbank overwoog dat het verschoningsrecht ook geldt ten aanzien van medeverdachten en dat het feit dat de getuige eerder wel een verklaring had afgelegd, hieraan niet afdoet.
Gelet op het absolute karakter van het verschoningsrecht was het niet relevant dat de vragen niet rechtstreeks betrekking hadden op haar zoon. Daarom besloot de rechtbank dat de getuige per direct uit gijzeling moest worden ontslagen. De overige aangevoerde argumenten behoefden geen bespreking meer. De beslissing werd op 4 oktober 2012 uitgesproken door de rechtbank Utrecht.
Uitkomst: Getuige wordt per direct uit gijzeling ontslagen vanwege haar absoluut verschoningsrecht.