ECLI:NL:RBUTR:2012:BX9825
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Toekenning verschoningsrecht aan partijgetuige in civiele zaak over laster en smaad
In deze civiele procedure heeft verzoeker aangifte gedaan tegen verweerder wegens laster en smaad. Verzoeker verzocht om een voorlopig getuigenverhoor, waarbij verweerder als getuige werd opgeroepen. Verweerder beriep zich voorafgaand aan zijn verhoor op zijn verschoningsrecht zoals bedoeld in artikel 165 lid 3 Rv Pro.
De rechter-commissaris oordeelt dat ook een partijgetuige een beroep op het verschoningsrecht toekomt en dat dit recht marginaal getoetst moet worden. Het beroep wordt per vraag beoordeeld. Verweerder weigert vragen te beantwoorden die direct of indirect kunnen leiden tot een strafrechtelijke veroordeling wegens smaad of laster.
De rechtbank honoreert het beroep op het verschoningsrecht voor de vragen 2 tot en met 6, omdat beantwoording een reëel risico op strafrechtelijke gevolgen inhoudt. De vraag 1 wordt wel beantwoord. De rechtbank bepaalt dat het voorlopig getuigenverhoor kan worden voortgezet met andere getuigen en stelt procedurele termijnen vast.
Uitkomst: Het beroep van verweerder op het verschoningsrecht wordt gehonoreerd voor vragen 2 tot en met 6, waardoor hij deze niet hoeft te beantwoorden.