ECLI:NL:RBUTR:2012:BY0640
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep ongegrond tegen niet tijdig beslissen en afwijzing intrekking omgevingsvergunning biggenstal
Eiser verzocht op 13 februari 2012 om gedeeltelijke intrekking van de omgevingsvergunning van 8 januari 2008 voor een stal met 4800 gespeende biggen. Verweerder nam het besluit op 29 juni 2012, waarbij het verzoek werd afgewezen. Eiser stelde dat het besluit niet tijdig was genomen en dat de vergunning op grond van geurbelastingnormen ingetrokken had moeten worden.
De rechtbank oordeelde dat op grond van artikel 3.15 van de Wabo de uitgebreide voorbereidingsprocedure van toepassing was, waardoor de beslistermijn zes maanden bedroeg. Het besluit van 29 juni 2012 was daarmee tijdig genomen. Tevens was verweerder bevoegd de vergunning in te trekken, maar mocht hij het verzoek weigeren omdat het aannemelijk was dat de vergunning nog voor 1 januari 2013 in gebruik zou worden genomen.
De rechtbank stelde vast dat de geurbelasting van 18,6 Ou/m³ niet ontoelaatbaar was, mede omdat de strengere norm van 8 Ou/m³ alleen geldt bij nieuwe situaties en bestaande rechten gerespecteerd moeten worden. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard, zowel voor het niet tijdig beslissen als voor het inhoudelijke besluit.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet tijdig beslissen en tegen het besluit tot afwijzing van het verzoek tot intrekking van de omgevingsvergunning wordt ongegrond verklaard.