ECLI:NL:RBUTR:2012:BY0773
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- P.W.G. de Beer
- J.P. Killian
- A.M. Crouwel
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor groepsverkrachting en aanranding van minderjarige meisjes
De rechtbank Utrecht heeft verdachte schuldig bevonden aan het samen met anderen verkrachten van een zeventienjarig meisje op 30 april/1 mei en 5/6 mei 2011, alsmede aan de aanranding van een veertienjarig meisje. Het slachtoffer werd door verdachte en medeverdachten naar de woning van verdachte gelokt tijdens afwezigheid van diens ouders, waar zij werd gedwongen tot seksuele handelingen onder bedreiging en geweld.
De rechtbank oordeelde dat de verklaringen van het slachtoffer betrouwbaar zijn en voldoende steun vinden in ander bewijsmateriaal, waaronder DNA-sporen, verklaringen van medeverdachten, getuigenverklaringen en chatberichten. Het verweer van verdachte dat het verhoor op 22 juni 2011 onrechtmatig was, werd verworpen. De rechtbank achtte verdachte verminderd toerekeningsvatbaar vanwege een gedragsstoornis met borderline- en narcistische trekken.
Gezien de ernst van de feiten, het recidivegevaar en de noodzaak van intensieve behandeling, legde de rechtbank een geheel voorwaardelijke PIJ-maatregel op met voorwaarden waaronder behandeling bij gespecialiseerde instellingen en contactverbod met slachtoffers en medeverdachten. Daarnaast werd een jeugddetentie van negen maanden opgelegd, met aftrek van voorarrest. De schadevergoedingsvorderingen van de benadeelden werden deels toegewezen.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot negen maanden jeugddetentie en een geheel voorwaardelijke PIJ-maatregel wegens groepsverkrachting en aanranding.