ECLI:NL:RBUTR:2012:BY2932
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- R.P. den Otter
- P. Bender
- G. D. Kleijne
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering tot herroeping voorwaardelijke invrijheidstelling ondanks nieuw strafbaar feit
De veroordeelde was eerder veroordeeld tot een gevangenisstraf van zes jaar en kreeg een voorwaardelijke invrijheidstelling met bijzondere voorwaarden, waaronder meldingsplicht bij de reclassering. De officier van justitie vorderde de herroeping van deze voorwaardelijke invrijheidstelling wegens het plegen van een nieuw strafbaar feit tijdens de proeftijd.
Tijdens de terechtzitting op 22 oktober 2012 werd de veroordeelde gehoord en werden de standpunten van de officier van justitie en de verdediging besproken. De verdediging betoogde dat de vordering tot herroeping moest worden afgewezen omdat de veroordeelde nog niet definitief was veroordeeld voor het nieuwe feit.
De rechtbank oordeelde dat hoewel de veroordeelde de algemene voorwaarde van de voorwaardelijke invrijheidstelling had overtreden door het nieuwe strafbare feit, het niet passend was om de voorwaardelijke invrijheidstelling te herroepen. Dit vanwege de recente veroordeling door de meervoudige kamer en de opgelegde TBS met dwangverpleging, waardoor de uitvoerbaarheid van de straf gewaarborgd is.
Daarom wees de rechtbank de vordering van de officier van justitie tot herroeping van de voorwaardelijke invrijheidstelling af tijdens de openbare terechtzitting van 5 november 2012.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vordering tot herroeping van de voorwaardelijke invrijheidstelling af vanwege de opgelegde TBS-maatregel.