ECLI:NL:RBUTR:2012:BY4685
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- L.C. Michon
- G.C. van Gelein Vitringa-Boudewijnse
- M.P. Bos
- Rechtspraak.nl
Beoordeling rechtskarakter en appellabiliteit van Regeling bewijsstukken sociale hygiëne
Eiseres verzocht verweerder om een examenbevoegdheid te verkrijgen om Verklaringen Sociale Hygiëne af te geven. Verweerder interpreteerde dit als een verzoek tot wijziging van de Regeling bewijsstukken sociale hygiëne Drank- en Horecawet. Na afwijzing van het bezwaar stelde eiseres beroep in bij de rechtbank.
De rechtbank stelde ambtshalve de vraag of sprake was van een appellabel besluit, aangezien de Regeling doorgaans algemeen verbindende voorschriften bevat, maar ook concretiserende besluiten kan omvatten. De rechtbank beoordeelde de materiële kenmerken van de Regeling aan de hand van jurisprudentiecriteria en concludeerde dat de Regeling een zelfstandige normstelling met externe werking is, bevoegd is vastgesteld en algemene, abstracte regels bevat die zich lenen voor herhaalde toepassing.
De rechtbank verwierp de stelling dat de aanwijzing van het Svh Onderwijscentrum als exameninstantie een concretiserend besluit van algemene strekking is, en oordeelde dat de Regeling een algemeen verbindend voorschrift vormt. Hierdoor staat tegen de afwijzing van een verzoek tot wijziging geen bezwaar open. De rechtbank verklaarde het beroep gegrond, vernietigde het bestreden besluit en verklaarde het bezwaar alsnog niet-ontvankelijk. Tevens werd verweerder veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten.
Uitkomst: Het beroep is gegrond verklaard, het bestreden besluit vernietigd en het bezwaar alsnog niet-ontvankelijk verklaard.