ECLI:NL:RBUTR:2012:BY4992
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak poging zware mishandeling en veroordeling voor mishandeling ex-vriendin
Op 21 juni 2012 mishandelde verdachte zijn ex-vriendin door haar tegen de onderbuik te schoppen, bij de keel vast te houden en haar in de borststreek te trappen terwijl zij op de grond lag. De rechtbank achtte de poging tot zware mishandeling niet bewezen en sprak verdachte daarvan vrij.
De mishandeling zelf werd wel wettig en overtuigend bewezen op basis van de verklaring van het slachtoffer en een getuige. Verdachte had opzet op de mishandeling, maar geen poging tot zware mishandeling. Verdachte had een geschiedenis van huiselijk geweld en verslavingsproblemen, wat meewoog in de strafoplegging.
De rechtbank veroordeelde verdachte tot een gevangenisstraf van 93 dagen, waarvan 90 dagen voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar, en een werkstraf van 40 uur. Tevens werd een eerdere voorwaardelijke straf ten uitvoer gelegd. De straf bevatte voorwaarden voor reclasseringstoezicht en behandeling, mede vanwege het hoge recidiverisico en de problematiek van verdachte.
De rechtbank oordeelde dat de straf met een groot voorwaardelijk deel passend was om begeleiding mogelijk te maken en herhaling te voorkomen. De werkstraf kan worden vervangen door hechtenis bij niet-naleving. De straf houdt rekening met de ernst van het feit, de omstandigheden en de persoon van verdachte.
De uitspraak werd gedaan door de meervoudige kamer van de Rechtbank Utrecht op 30 november 2012.
Uitkomst: Verdachte vrijgesproken van poging zware mishandeling en veroordeeld tot grotendeels voorwaardelijke gevangenisstraf en werkstraf voor mishandeling ex-vriendin.