ECLI:NL:RBUTR:2012:BY5256
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging boeteoplegging wegens volledig ontbreken van verwijtbaarheid bij arbeid vreemdeling zonder vergunning
Eiseres liet een vreemdeling werkzaamheden verrichten zonder tewerkstellingsvergunning, wat een overtreding is van artikel 2, eerste lid, van de Wet arbeid vreemdelingen (Wav). Verweerder legde daarom een boete op van € 8.000,-. De kern van het geschil betrof de vraag of eiseres verwijtbaar kon worden gehouden voor deze overtreding.
De rechtbank stelde vast dat eiseres het verblijfsdocument van de vreemdeling controleerde volgens het Stappenplan 2010, dat destijds gold en waarin geen verplichting tot raadpleging van het WIDboek was opgenomen. De afwijkingen in het verblijfsdocument waren niet eenvoudig vast te stellen en het niet gebruiken van het WIDboek kon eiseres niet worden toegerekend.
Daarmee concludeerde de rechtbank dat eiseres al het redelijkerwijs mogelijke had gedaan om de overtreding te voorkomen, zodat sprake was van volledig ontbreken van verwijtbaarheid. Het beroep werd gegrond verklaard, het bestreden besluit vernietigd en het primaire besluit herroepen. Tevens werd verweerder veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: De boete wordt vernietigd wegens volledig ontbreken van verwijtbaarheid en het primaire besluit wordt herroepen.