ECLI:NL:RBZLY:2004:AR3630
Rechtbank Zwolle-Lelystad
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vordering tot vergoeding van kosten snoeien overhangende takken en bomen
Eisers hebben aan hun vordering ten grondslag gelegd dat zij herhaaldelijk hebben verzocht aan gedaagden om overhangende takken en bomen te snoeien die hinder veroorzaakten bij de exploitatie van hun perceel. Na uitblijven van actie schakelden zij een hovenier in en vorderen zij vergoeding van de gemaakte kosten.
Gedaagden voerden aan dat er geen hinderlijke overhang was, dat zij zelf de houtsingel hadden onderhouden en dat de kosten niet redelijk waren, mede omdat volgens hen complete bomen waren verwijderd. De kantonrechter stelt vast dat op grond van artikel 5:44 BW Pro het recht bestaat om overhangende beplanting te verwijderen na aanmaning. Uit onbestreden stukken blijkt dat er sprake was van overhang, zodat eisers het recht hadden de overhang te verwijderen en een hovenier in te schakelen.
De rechter oordeelt echter dat de hovenier verder is gegaan dan het verwijderen van overhangende takken en ook beplanting buiten de perceelgrens heeft verwijderd, wat een misbruik van recht oplevert. Daarom wordt slechts de helft van de kosten toegewezen. De wettelijke rente wordt eveneens toegekend, maar een vergoeding voor buitengerechtelijke kosten wordt afgewezen. Proceskosten worden gecompenseerd.
Uitkomst: Gedaagden worden veroordeeld tot betaling van de helft van de kosten van het snoeien van overhangende takken en bomen, vermeerderd met wettelijke rente.