ECLI:NL:RBZLY:2004:AR8049
Rechtbank Zwolle-Lelystad
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Uitleg seizoenscontract en salarisbetaling kapitein bij overgang exploitatie schip
De zaak betreft een geschil over de vraag of de kapitein [X] recht heeft op salarisbetaling voor het vaarseizoen van 1 maart tot 1 juni 2004, na afloop van zijn laatste dienstverband per 31 oktober 2003. [X] baseert zijn aanspraak op een brief van 2 januari 2002 waarin is opgenomen dat hij zonder tegenbericht elk jaar op 1 maart in dienst komt voor een periode tot 31 oktober. De kantonrechter oordeelt dat deze bepaling als een intentieverklaring moet worden gezien, waarbij beide partijen vrij zijn om al dan niet een nieuw dienstverband aan te gaan. Er is geen sprake van een afdwingbare verlenging zonder expliciet tegenbericht.
Verder is vastgesteld dat Stedemaeght B.V. per februari 2004 het eigendom en exploitatie van het schip heeft overgedragen aan SEM B.V., waardoor Stedemaeght geen bevoegdheid meer had om [X] aan te stellen. Ook is onvoldoende gebleken dat SEM verplichtingen heeft overgenomen jegens [X].
Daarnaast vordert Stedemaeght vergoeding van schade wegens het niet teruggeven van een kapiteinsuniform door [X]. De kantonrechter stelt vast dat het uniform eigendom van Stedemaeght is gebleven en dat [X] gehouden is tot vergoeding van 60% van de aanschafwaarde, rekening houdend met afschrijving. Andere vorderingen, zoals vergoeding van vervanging van sloten, worden afgewezen wegens onvoldoende bewijs.
De kantonrechter wijst de vorderingen van [X] af, veroordeelt hem tot betaling van € 521,92 aan Stedemaeght voor het uniform en compenseert de proceskosten tussen partijen.
Uitkomst: De vordering tot salarisbetaling wordt afgewezen en [X] wordt veroordeeld tot vergoeding van het niet teruggegeven uniform.