ECLI:NL:RBZLY:2005:AT9034
Rechtbank Zwolle-Lelystad
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering nietigheid ontslag na gegrondverklaring bezwaar Commissie van Beroep
Werknemer, vestigingsdirecteur bij werkgeefster, werd ontslagen wegens vervallen functie na reorganisatie. De Commissie van Beroep verklaarde het bezwaar van werknemer tegen het ontslag gegrond, omdat de sollicitatieprocedure niet correct was en er geen passende herplaatsing was geboden.
Werknemer vorderde in kort geding dat het ontslag nietig werd verklaard en dat hij zijn werkzaamheden hervatte, met betaling van loon en een dwangsom bij niet-naleving. Werkgeefster handhaafde het ontslag en stelde dat het ontslag rechtsgeldig was, ook na de uitspraak van de Commissie.
De kantonrechter oordeelde dat het stelsel van ontslagrecht uitputtend is geregeld en dat de uitspraak van de Commissie niet leidt tot nietigheid van het ontslagbesluit. De primaire vordering tot declaratoir vonnis werd afgewezen vanwege het voorlopige karakter van de voorziening. De subsidiaire vorderingen werden afgewezen omdat niet aannemelijk was dat het ontslag nietig zou worden verklaard door de bodemrechter.
De proceskosten werden gecompenseerd, waarbij elke partij haar eigen kosten draagt. De arbeidsovereenkomst is per 1 maart 2005 beëindigd.
Uitkomst: De kantonrechter wijst de vordering tot nietigheid van het ontslag af en verklaart de arbeidsovereenkomst beëindigd per 1 maart 2005.