ECLI:NL:RBZLY:2006:AU9712
Rechtbank Zwolle-Lelystad
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Aansprakelijkheid werkgever voor RSI en zorgplicht bij gevaarzettende arbeidsomstandigheden
De werknemer [H] vordert schadevergoeding van haar werkgever, commanditaire vennootschap Stegeman en de beherend vennoot Sara Lee, wegens het oplopen van RSI-gerelateerde beroepsziekten door haar werkzaamheden in de vleeswarenindustrie. Haar werkzaamheden bestonden uit repeterende handelingen met hoge werkdruk en korte pauzes, wat leidde tot een carpaal tunnel syndroom (CTS) en thoracic outlet syndroom (TOS), bevestigd door medische specialisten.
De kantonrechter stelt vast dat de werkzaamheden gevaarzettend waren en dat de werkgever onvoldoende heeft voldaan aan haar zorgplicht zoals bedoeld in artikel 7:658 BW Pro en de Arbeidsomstandighedenwet, onder meer door het ontbreken van een risico-inventarisatie en evaluatie (RI&E) en een plan van aanpak. Het causaal verband tussen de arbeidsomstandigheden en de klachten is voldoende aannemelijk gemaakt.
De werkgever heeft onvoldoende onderbouwd welke maatregelen zij heeft genomen om de gezondheidsrisico's te beperken. De werknemer is gedeeltelijk arbeidsongeschikt geraakt en heeft inkomensschade. De kantonrechter wijst een voorschot van € 10.000 toe op de materiële en immateriële schadevergoeding, met wettelijke rente vanaf 1 februari 2006, en verwijst naar een schadestaatprocedure voor de verdere schadevergoeding.
De werkgever wordt veroordeeld in de proceskosten. De ontbindingsvergoeding van € 35.000 speelt geen rol in deze procedure. De aansprakelijkheid van de beherend vennoot wordt erkend, maar in het vonnis wordt voor de leesbaarheid alleen de naam Stegeman gebruikt.
Uitkomst: Werkgever wordt veroordeeld tot betaling van een voorschot van € 10.000 op schadevergoeding wegens RSI-klachten door gevaarzettende arbeidsomstandigheden en onvoldoende zorgplicht.