ECLI:NL:RBZLY:2006:AV0155
Rechtbank Zwolle-Lelystad
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Veroordeling gemeenteraadslid wegens schending ambtsgeheim artikel 272 Wetboek van Strafrecht
De rechtbank Zwolle-Lelystad heeft op 24 januari 2006 uitspraak gedaan in de zaak tegen een gemeenteraadslid dat werd verdacht van het schenden van het ambtsgeheim zoals neergelegd in artikel 272 van Pro het Wetboek van Strafrecht. De verdachte had vertrouwelijke informatie over rechtspositionele afspraken met een vertrekkende gemeentesecretaris openbaar gemaakt door schriftelijke vragen te stellen die tijdens een openbare raadsvergadering werden behandeld.
De procedure ex artikel 25 van Pro de Gemeentewet was gevolgd, waarbij de burgemeester de vertrouwelijke aard van de informatie expliciet had aangegeven. De verdediging voerde aan dat de term vertrouwelijk een minder vergaande betekenis heeft dan geheim en dat de geheimhouding niet terecht was opgelegd, maar de rechtbank oordeelde dat vertrouwelijk en geheim in deze context gelijkgesteld moeten worden en dat de toetsing van het opleggen van geheimhouding aan de burgemeester is voorbehouden.
De rechtbank stelde vast dat verdachte bewust en met kennis van zaken de vertrouwelijke informatie openbaar heeft gemaakt door de vragen ex artikel 18 Reglement Pro van Orde te stellen, ondanks het feit dat de griffier niet op de hoogte was van het vertrouwelijke karakter. De rechtbank verwierp de verweren van de verdediging en achtte het bewezen dat verdachte het ambtsgeheim heeft geschonden.
Gezien de aard en ernst van het feit, de omstandigheden en de persoon van verdachte, en rekening houdend met eerdere vergelijkbare zaken, legde de rechtbank een geldboete van €400 op, met een vervangende hechtenis van 8 dagen bij niet-betaling. Het overige ten laste gelegde werd vrijgesproken.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot een geldboete van €400 of 8 dagen hechtenis wegens schending ambtsgeheim.