ECLI:NL:RBZLY:2006:AW3057
Rechtbank Zwolle-Lelystad
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Werknemer mag na ontslag op staande voet wegens loslaten schorpioen weer aan het werk
Werknemer, werkzaam als algemeen magazijnmedewerker, werd op staande voet ontslagen nadat hij een levende schorpioen die in een geïmporteerde kast was aangetroffen, in plaats van te doden, had vrijgelaten in een tuin nabij het bedrijfspand. Werkgeefster stelde dat dit gedrag, mede in combinatie met eerdere waarschuwingen, ontslag rechtvaardigde. Werknemer betwistte dit en voerde aan dat hij niet wist dat het dier giftig was en dat de opdracht om de schorpioen te vangen onredelijk was.
De kantonrechter stelde vast dat werkgeefster onvoldoende zorgvuldigheid betrachtte door werknemers zonder deskundige begeleiding een giftig dier te laten vangen, waardoor zij zich onbetamelijk jegens de werknemers had gedragen. Hoewel werknemer tegen de instructie in handelde, vond de kantonrechter dat het ontslag op staande voet niet gerechtvaardigd was, mede omdat werknemer niet bewust was van het gevaar en werkgeefster hem niet had gewaarschuwd.
De kantonrechter veroordeelde werkgeefster om werknemer binnen twee dagen weer aan het werk te stellen conform de arbeidsovereenkomst, onder verbeurte van een dwangsom, en het salaris vanaf 3 april 2006 door te betalen. De vordering tot betaling van incassokosten werd afgewezen. Werkgeefster werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De kantonrechter beveelt wedertewerkstelling en doorbetaling van salaris na onterecht ontslag op staande voet wegens loslaten schorpioen.