ECLI:NL:RBZLY:2006:AX2241
Rechtbank Zwolle-Lelystad
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Th.A. Ariëns
- Rechtspraak.nl
Uitleg exclusiviteitsbeding in overeenkomst tussen leverancier en postorderbedrijf
Liro B.V. en Wehkamp B.V. hadden sinds 1995 een contractuele relatie waarbij Liro erotische producten leverde aan Wehkamp. Vanaf 2000 spraken partijen af dat Wehkamp exclusief zaken zou doen met Liro op het gebied van erotiek, tegen betaling van een vergoeding per catalogus. In de daaropvolgende jaren stelde Liro dat Wehkamp deze exclusiviteitsafspraken schond door ook producten van concurrenten aan te bieden, zowel in papieren als internetcatalogi.
Wehkamp betwistte de omvang en inhoud van de exclusiviteitsafspraken en stelde onder meer dat exclusiviteit slechts gold voor niet-vergelijkbare producten en dat er in 2001 een 'schone lei' was afgesproken. De rechtbank paste het Haviltex-criterium toe en oordeelde dat exclusiviteit in de gebruikelijke betekenis moest worden uitgelegd, waarbij Liro gerechtvaardigde verwachtingen had geen concurrenten naast zich te dulden op de Wehkamp-pagina's.
De rechtbank verwierp Wehkamp's verweer dat exclusiviteit beperkt was tot niet-vergelijkbare producten en concludeerde dat Wehkamp toerekenbaar tekort was geschoten in de nakoming van haar contractuele verplichtingen. Liro werd een voorschot van €100.000 op de schadevergoeding toegekend, en Wehkamp werd veroordeeld tot vergoeding van de schade en proceskosten.
Uitkomst: Wehkamp is toerekenbaar tekortgeschoten en veroordeeld tot betaling van schadevergoeding en voorschot van €100.000 aan Liro.