ECLI:NL:RBZLY:2006:AY5013
Rechtbank Zwolle-Lelystad
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- A.H. Canté
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek ontbinding arbeidsovereenkomst wegens privé-strafbare feiten werknemer
De werkgever, Roto Smeets Deventer B.V., verzocht de rechtbank om ontbinding van de arbeidsovereenkomst met haar werknemer wegens een onherstelbaar verstoorde arbeidsverhouding. Dit verzoek was gebaseerd op ernstige strafbare feiten die de werknemer in zijn privéleven had gepleegd, waarbij ook de werkgever betrokken was geraakt door de arrestatie van de werknemer op het bedrijfsterrein. Daarnaast stelde de werkgever dat er onrust onder het personeel was en er een risico bestond vanwege het gebruik van messen op de werkvloer.
De werknemer betwistte het verzoek en voerde aan dat zijn strafbare feiten voortkwamen uit overspannenheid door relatieproblemen, inmiddels opgelost. Hij stelde dat hij arbeidsongeschikt was en dat het verzoek verband hield met zijn ziekte en mogelijk reorganisatie. De werknemer benadrukte zijn lange dienstverband en goede staat van dienst.
De rechtbank oordeelde dat de strafbare feiten weliswaar ernstig waren, maar volledig in de privésfeer lagen en dat de werknemer daarvoor reeds was gestraft. De arrestatie op het bedrijfsterrein was onvoldoende om te concluderen dat hij zijn werkplek in strafbare handelingen had betrokken. Er was onvoldoende bewijs van onrust onder het personeel en geen gegronde vrees voor herhaling op de werkvloer. Het beroep van de werknemer op arbeidsongeschiktheid werd niet als doorslaggevend gezien.
Daarom wees de rechtbank het verzoek tot ontbinding af en veroordeelde de werkgever tot betaling van de proceskosten van €400. De beslissing werd uitgesproken door kantonrechter A.H. Canté op 24 juli 2006.
Uitkomst: Verzoek tot ontbinding arbeidsovereenkomst afgewezen wegens onvoldoende bewijs van onherstelbare verstoring arbeidsverhouding.