ECLI:NL:RBZLY:2006:AY5371
Rechtbank Zwolle-Lelystad
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Loonvordering taxichauffeur na verval geldigheid taxipas en weigering verklaring omtrent gedrag
De werknemer trad in dienst als taxichauffeur met een geldige taxipas die per 1 januari 2006 verviel omdat hij niet tijdig zijn chauffeursdiploma behaalde. Na het behalen van het diploma kon hij geen nieuwe pas verkrijgen vanwege strafrechtelijke antecedenten die een verklaring omtrent gedrag in de weg stonden. De werkgever zette hem aanvankelijk nog in voor taxi- en koerierswerk, maar kon hem daarna niet meer als chauffeur inzetten.
De werknemer vorderde loonbetaling vanaf 1 januari 2006, terwijl de werkgever stelde dat het verval van de pas en het ontbreken van de verklaring omtrent gedrag aan de werknemer te wijten waren, zodat zij niet gehouden was tot loonbetaling, behalve voor beperkt koerierswerk. De kantonrechter oordeelde dat het risico van het niet tijdig behalen van het diploma en het ontbreken van de verklaring omtrent gedrag bij de werknemer lag.
De werkgever werd veroordeeld tot betaling van 90% van het loon over acht weken vanaf 1 april 2006 en daarna het volledige loon tot 30 augustus 2006, met wettelijke rente. De werknemer had zich vanaf 27 maart 2006 arbeidsongeschikt gemeld, maar de loondoorbetaling was beperkt tot de periode van arbeidsongeschiktheid conform de CAO. De vordering tot volledige loonbetaling vanaf 1 januari 2006 werd afgewezen.
De proceskosten werden gecompenseerd en het vonnis werd uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: Werkgever is gehouden tot gedeeltelijke loonbetaling vanaf 1 april 2006 tot 30 augustus 2006, met wettelijke rente, maar niet tot loon vanaf 1 januari 2006.