ECLI:NL:RBZLY:2007:BA8777
Rechtbank Zwolle-Lelystad
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Arbeidsrechtelijke geschil over opzeggingstermijn, vakantiedagen en salarisverhoging
In deze arbeidsrechtelijke kantonzaak staat centraal tegen welke dag de arbeidsovereenkomst mag worden opgezegd wanneer het loon per vier weken wordt betaald, en of de werkgever mag eisen dat resterende vakantiedagen vóór het einde van het dienstverband worden opgenomen.
De arbeidsovereenkomst tussen [eisende partij] en Passi Flora is opgezegd met inachtneming van een opzegtermijn van één maand tegen het einde van een betaalperiode van vier weken. De kantonrechter oordeelt dat dit rechtmatig is, omdat partijen afwijking van het maandelijkse opzegtermijn zijn overeengekomen. Daarnaast is onvoldoende aannemelijk dat de werknemer heeft ingestemd met het opnemen van resterende vakantiedagen vóór het einde van het dienstverband, waardoor Passi Flora gehouden is een vergoeding te betalen voor niet-genoten vakantiedagen.
Verder is vastgesteld dat Passi Flora de CAO-loonsverhoging van 1,25% per 1 april 2006 en de eenmalige uitkering van 0,5% per 1 juli 2006 niet heeft doorgevoerd, en dat zij de salarisspecificaties over de laatste 14 periodes voorafgaand aan het ontslag niet volledig heeft verstrekt. De kantonrechter gelast een comparitie om nadere toelichting te geven en stukken aan te leveren ter onderbouwing van de vorderingen en verweren.
De beslissing is aangehouden tot na de comparitie, waarbij partijen schriftelijk hun beschikbaarheid moeten opgeven.
Uitkomst: Beslissing op vorderingen aangehouden tot na comparitie voor nadere toelichting en stukken.