ECLI:NL:RBZLY:2007:BA9557
Rechtbank Zwolle-Lelystad
- Eerste aanleg - meervoudig
- M.H.S. Lebens-de Mug
- H.C. Moorman
- W.J.B. Cornelissen
- Rechtspraak.nl
Afwijzing bezwaar tegen kosten overbedeling bij ruilverkaveling en schattingswaarde grond
Reclamant maakte bezwaar tegen de in rekening gebrachte kosten wegens overbedeling in het kader van een ruilverkaveling, omdat hij van mening was dat de toegedeelde strook grond van mindere kwaliteit was dan de ingebrachte dijkgrond en dat hij hiervoor niet behoefde te betalen. Hij stelde dat het waterschap belang had bij de verwerving van dijken en dat hij ter compensatie grond had teruggekregen die minder waard was. Tevens vroeg hij om een herschatting van de grondwaarde.
De Landinrichtingscommissie wees het bezwaar af en stelde dat de eerste schattingswaarde vaststaat en dat reclamant schriftelijk akkoord is gegaan met de wijziging in het plan van toedeling. De rechtbank oordeelde dat bezwaren tegen de eerste schatting tijdig bij de eerste schatting hadden moeten worden ingediend en dat reclamant dit niet had gedaan. De rechtbank vond de stelling van reclamant dat hem was meegedeeld dat de percelen aan de buurman zouden worden toegedeeld ongeloofwaardig en onvoldoende bewezen.
Verder oordeelde de rechtbank dat een tweede schatting niet aan de orde was, omdat geen nieuwe werken waren uitgevoerd die dit rechtvaardigden. Het verwijderen van puin en het aanleggen van een waterbassin door reclamant zelf konden niet leiden tot herschatting. Het bezwaar werd ongegrond verklaard en reclamant werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Het bezwaar van reclamant tegen de kosten wegens overbedeling wordt ongegrond verklaard en hij wordt veroordeeld in de proceskosten.