ECLI:NL:RBZLY:2007:BB2616
Rechtbank Zwolle-Lelystad
- Eerste aanleg - meervoudig
- G.P. Nieuwenhuis
- M.C.P. de Ridder
- G.E.A. Neppelenbroek
- Rechtspraak.nl
Veroordeling tot 12 jaar gevangenisstraf voor moord met voorbedachte rade in Almere
Op 15 juni 2006 werd in Almere het levenloze lichaam van een vrouw aangetroffen die door verdachte met een mes in de hals was doorgesneden. De rechtbank achtte moord met voorbedachte rade wettig en overtuigend bewezen. De technische recherche stelde vast dat het slachtoffer omstreeks 19.00 uur was overleden door snijwonden aan de hals.
De ex-man van het slachtoffer verklaarde dat zij die dag was opgesloten geweest door de huisbaas, de verdachte, die haar telefoon had afgepakt. Verdachte gaf toe de vrouw te hebben gedood na het met opzet binnendringen in haar kamer. Het verweer dat een ander de dader was, werd verworpen op grond van tijdstip en getuigenverklaringen.
Ook het verweer dat verdachte in een psychisch zieke toestand handelde en geen voorbedachte rade aanwezig was, werd door deskundigen van het Pieter Baan Centrum weerlegd. De verdachte werd als volledig toerekeningsvatbaar beschouwd.
De rechtbank veroordeelde verdachte tot 12 jaar gevangenisstraf, aansluitend bij de eis van de officier van justitie. Daarnaast werd verdachte veroordeeld tot betaling van € 6152 aan de benadeelde partij ter vergoeding van crematiekosten en asoverdracht. De opgelegde straf werd verminderd met de tijd in voorarrest doorgebracht.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot 12 jaar gevangenisstraf voor moord met voorbedachte rade.