ECLI:NL:RBZLY:2007:BB5265
Rechtbank Zwolle-Lelystad
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak primair ten laste gelegde en veroordeling poging zware mishandeling met mes
De rechtbank Zwolle-Lelystad behandelde op 11 september 2007 de zaak tegen verdachte, die werd verdacht van poging zware mishandeling met een mes. De officier van justitie vorderde vrijspraak voor het primair ten laste gelegde en een gevangenisstraf van 15 maanden, waarvan 5 maanden voorwaardelijk, voor het subsidiair ten laste gelegde.
De verdediging voerde noodweer en putatief noodweer aan, stellende dat verdachte zich moest verdedigen tegen een ogenblikkelijke en wederrechtelijke aanval. De rechtbank oordeelde echter dat de verklaringen van getuigen en verdachte zelf niet aannemelijk maakten dat sprake was van een dergelijke aanval. Verdachte pakte het mes nadat de benadeelde niet wilde vertrekken en dreigde, zonder dat er sprake was van een onweerlegbare noodsituatie.
De rechtbank achtte het subsidiair ten laste gelegde wettig en overtuigend bewezen als poging zware mishandeling en veroordeelde verdachte tot een gevangenisstraf van 150 dagen, waarvan 75 dagen voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar, en een taakstraf van 180 uur. Het mes werd onttrokken aan het verkeer en de overige inbeslaggenomen kleding werd aan de rechthebbende teruggegeven.
De rechtbank nam tevens een forensisch psychiatrisch rapport in overweging, waarin werd vastgesteld dat verdachte verminderd toerekeningsvatbaar was door een stressreactie, maar dit leidde niet tot strafuitsluiting. De schadevergoeding aan de benadeelde partij werd vastgesteld op € 1.000,--, te voldoen aan de Staat ten behoeve van het slachtoffer.
Uitkomst: Verdachte wordt veroordeeld tot 150 dagen gevangenisstraf waarvan 75 dagen voorwaardelijk en een taakstraf van 180 uur voor poging zware mishandeling met een mes.