ECLI:NL:RBZLY:2008:BC5135
Rechtbank Zwolle-Lelystad
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Intrekking bijstandsuitkering wegens twijfel over feitelijke verblijfplaats
Verzoeker kreeg zijn bijstandsuitkering ingetrokken door de gemeente Olst-Wijhe vanwege twijfel over zijn feitelijke verblijfplaats, omdat hij volgens bankafschriften vooral betalingen in Deventer deed. Verzoeker verklaarde aanvankelijk vier nachten per week in Deventer te verblijven, maar herzag deze verklaring later. De gemeente legde hem op maandelijks te rapporteren waar hij verbleef, wat verzoeker betwistte als een disproportionele inbreuk op zijn privacy.
De voorzieningenrechter oordeelde dat verzoeker een spoedeisend belang had bij het treffen van een voorlopige voorziening omdat hij sinds augustus 2007 geen uitkering ontving en daardoor niet verzekerd was voor ziektekosten. Gezien de feiten en jurisprudentie achtte de rechter het opleggen van de verplichting om het adres van zijn vriendin in Deventer op te geven een onevenredige inbreuk op de privacy.
De rechtbank concludeerde dat verzoeker aan zijn inlichtingenplicht had voldaan door een overzicht van zijn verblijf te verstrekken en dat de gemeente minder ingrijpende middelen had om zijn verblijfplaats te controleren. Daarom werd de voorlopige voorziening toegewezen en werd de gemeente veroordeeld tot hervatting van de uitkering en vergoeding van kosten.
Uitkomst: De rechtbank beveelt de gemeente Olst-Wijhe de bijstandsuitkering aan verzoeker te hervatten totdat op het beroep is beslist.