ECLI:NL:RBZLY:2008:BC5485
Rechtbank Zwolle-Lelystad
- Eerste aanleg - meervoudig
- H.M. Schaak
- G.H. Meijer
- G.J.J.M. Essink
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens onvoldoende bewijs van poging tot doodslag met mes
De rechtbank Zwolle-Lelystad behandelde de zaak tegen verdachte die werd beschuldigd van poging tot doodslag op 17 oktober 2007. De officier van justitie vorderde een gevangenisstraf van 21 maanden, waarvan 6 maanden voorwaardelijk, en een schadevergoeding van €5.600 aan de benadeelde partij.
De rechtbank oordeelde echter dat het gebruik van een mes of ander scherp voorwerp door verdachte niet overtuigend was bewezen. Hoewel drie getuigen verklaarden dat verdachte met een mes had gestoken, waren hun verklaringen inconsistent over de lengte en het type mes. Daarnaast verklaarde de benadeelde partij zelf geen mes te hebben gezien, wat de geloofwaardigheid van de getuigenverklaringen ondermijnde.
Ook medische gegevens boden geen eenduidig bewijs dat de verwondingen met een mes waren toegebracht. Verder werd bij de aanhouding van verdachte geen mes aangetroffen en was er ook in de omgeving van de vechtpartij geen mes gevonden. Daarom sprak de rechtbank verdachte vrij van de tenlastelegging.
De benadeelde partij werd niet ontvankelijk verklaard in zijn vordering tot schadevergoeding en werd verwezen naar de burgerlijke rechter.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs van het gebruik van een mes bij poging tot doodslag.