ECLI:NL:RBZLY:2008:BD6540
Rechtbank Zwolle-Lelystad
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens onvoldoende bewijs voorhanden hebben cocaïne in auto
De politierechter van de Rechtbank Zwolle-Lelystad behandelde de zaak tegen verdachte die werd verdacht van het voorhanden hebben van cocaïne in zijn auto. De officier van justitie had een werkstraf en een voorwaardelijke gevangenisstraf geëist. Tijdens de terechtzitting op 17 juni 2008 werd vastgesteld dat de cocaïne in het dashboardkastje van de auto van verdachte was aangetroffen.
De rechter oordeelde echter dat uit de beschikbare bewijsmiddelen onvoldoende bleek dat verdachte wist van de aanwezigheid van de drugs of dat hij dit redelijkerwijs had kunnen vermoeden. Het enkele feit dat de cocaïne in zijn auto werd gevonden, was niet voldoende om zijn wetenschap aan te tonen, mede omdat niet duidelijk was in hoeverre verdachte op de hoogte was van de activiteiten van zijn bijrijder.
Daarom werd verdachte vrijgesproken van het ten laste gelegde. De politierechter achtte het bewijs niet wettig en overtuigend. De uitspraak werd op 1 juli 2008 uitgesproken door politierechter G.A. Versteeg in aanwezigheid van de griffier.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs dat hij wetenschap had van de aanwezigheid van cocaïne in zijn auto.