ECLI:NL:RBZLY:2008:BF0062
Rechtbank Zwolle-Lelystad
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorschotvordering in kort geding inzake effectenleaseovereenkomsten met Dexia
Eiser heeft negen effectenleaseovereenkomsten gesloten met Dexia en vordert in kort geding een voorschot van €100.000,- wegens een spoedeisend belang, omdat hij een levensbedreigende tumor heeft en een operatie in Engeland wil laten uitvoeren die niet door zijn zorgverzekeraar wordt vergoed.
Dexia betwist het spoedeisend belang en stelt dat de echtgenote van eiser de vernietiging van de leaseovereenkomsten niet tijdig heeft ingeroepen, waardoor verjaring is opgetreden. Daarnaast betwist Dexia de stelling dat de zorgplicht is geschonden en wijst op het ontbreken van concrete feiten in het kort geding.
De voorzieningenrechter oordeelt dat het spoedeisend belang voldoende aannemelijk is vanwege de medische situatie van eiser, maar dat het bestaan en de omvang van de vordering onvoldoende aannemelijk zijn. De rechtbank kan in kort geding niet vaststellen dat de leaseovereenkomsten rechtsgeldig zijn vernietigd. Ook is onvoldoende onderbouwd dat de zorgplicht is geschonden. Daarom wijst de rechtbank de vordering af en veroordeelt eiser in de proceskosten.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vordering tot betaling van een voorschot af wegens onvoldoende aannemelijkheid en spoedeisend belang.