ECLI:NL:RBZLY:2008:BF1264
Rechtbank Zwolle-Lelystad
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Strafmaatmotivering en verbeurdverklaring bij drugshandel en bezit
De rechtbank Zwolle-Lelystad heeft op 16 september 2008 uitspraak gedaan in een strafzaak tegen verdachte wegens het opzettelijk handelen in strijd met de Opiumwet. Verdachte werd ervan beschuldigd gedurende ruim drie maanden in de gemeente Deventer cocaïne en heroïne te hebben verhandeld en op 22 mei 2008 in bezit te hebben gehad van ongeveer 5 gram cocaïne en 5 gram heroïne.
De rechtbank achtte de tenlasteleggingen bewezen en veroordeelde verdachte tot een gevangenisstraf van 8 maanden, waarvan 4 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaar. Tevens werd het onder verdachte inbeslaggenomen geldbedrag van € 870,00 verbeurd verklaard, omdat dit vermoedelijk uit de drugshandel afkomstig was. De inbeslaggenomen cocaïne, heroïne en wiet werden onttrokken aan het verkeer.
De rechtbank motiveerde de straf mede vanwege het strafrechtelijk verleden van verdachte en het feit dat hij kort na een eerdere veroordeling opnieuw drugs handelde. Daarnaast werd de vordering tot tenuitvoerlegging van een eerder opgelegde voorwaardelijke jeugddetentie toegewezen, waarbij een taakstraf van 140 uur onbetaalde arbeid werd gelast als vervangende maatregel.
De voorlopige hechtenis werd opgeheven zodra de duur daarvan gelijk was aan de opgelegde gevangenisstraf. De rechtbank benadrukte de ernst van drugshandel en het belang van het beschermen van de volksgezondheid en rechtsorde.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot 8 maanden gevangenisstraf, waarvan 4 maanden voorwaardelijk, met verbeurdverklaring van drugs en geld.