ECLI:NL:RBZLY:2008:BG3279
Rechtbank Zwolle-Lelystad
- Eerste aanleg - meervoudig
- A.J. Louter
- G.H. Meijer
- H.M. Schaak
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens onvoldoende bewijs ontucht met minderjarig slachtoffer
Op 30 oktober 2008 heeft de rechtbank Zwolle-Lelystad uitspraak gedaan in een zaak waarin verdachte werd verdacht van ontuchtige handelingen met een minderjarig slachtoffer in Almere. De ten laste gelegde feiten betroffen onder meer pogingen tot seksueel binnendringen en diverse andere ontuchtige handelingen met een slachtoffer dat jonger dan twaalf jaar was, alsmede handelingen met een slachtoffer jonger dan zestien jaar.
De officier van justitie achtte het primair ten laste gelegde wettig en overtuigend bewezen en vorderde een werkstraf van 120 uur met een voorwaardelijke gevangenisstraf van 2 maanden. De raadsman voerde aan dat er sprake was van schending van opsporings- en vervolgingsvoorschriften en dat het bewijs onvoldoende was, mede op basis van een deskundigenonderzoek dat twijfels opriep over de betrouwbaarheid van de verklaring van het slachtoffer.
De rechtbank oordeelde dat niet wettig en overtuigend kon worden bewezen dat verdachte zich schuldig had gemaakt aan de ten laste gelegde feiten. Hoewel de rechtbank voorshands geen schending van vormvoorschriften aannam, ontbrak de overtuiging over de toedracht van de gebeurtenissen. Daarom sprak de rechtbank verdachte vrij en hief het het geschorste bevel tot voorlopige hechtenis op.
De zitting vond plaats op 16 oktober 2008, waarbij verdachte werd bijgestaan door zijn advocaat. De uitspraak werd gedaan door een meervoudige strafkamer onder voorzitterschap van mr. A.J. Louter.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens onvoldoende wettig en overtuigend bewijs van ontuchtige handelingen met minderjarig slachtoffer.