ECLI:NL:RBZLY:2008:BG5073
Rechtbank Zwolle-Lelystad
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- A.H. Canté
- Rechtspraak.nl
Voorwaardelijke ontbinding arbeidsovereenkomst na ontslag op staande voet en toekenning billijke vergoeding
De werknemer, directeur van de werkgever, werd op staande voet ontslagen vanwege tegenvallende bedrijfsresultaten en vermeend onvoldoende functioneren. De werkgever verzocht voorwaardelijk om ontbinding van de arbeidsovereenkomst met toekenning van een billijke vergoeding. De werknemer betwistte het ontslag en verzocht zelf om ontbinding met een hogere vergoeding.
De kantonrechter oordeelde dat de arbeidsovereenkomst per 31 december 2008 ontbonden wordt onder de voorwaarde dat deze nog bestaat. De billijke vergoeding werd vastgesteld op €200.000 bruto. Het tegenverzoek van de werknemer werd afgewezen omdat het niet onder de juiste voorwaarden was ingediend.
De rechter nam het ontslag op staande voet buiten beschouwing vanwege het voorwaardelijke karakter van het verzoek en het ontbreken van voldoende bewijs voor ernstig verwijtbaar handelen van de werknemer. De problemen ontstonden na een wisseling in directie en waren mede veroorzaakt door personele bezettingsproblemen en marktomstandigheden.
De kosten van het geding werden in principe door partijen zelf gedragen, tenzij de werkgever haar verzoek intrekt, waarna zij de kosten van de procedure moet dragen.
Uitkomst: De arbeidsovereenkomst wordt voorwaardelijk ontbonden per 31 december 2008 met een billijke vergoeding van €200.000 aan de werknemer.